the right SIZE beursedities

GEZEUR VAN FLEUR

Deze editie vertel ik over het gezeur van Fleurs vriendje. Tenminste, hij noemde het en ik vond het grappig. Ik wil het graag hebben over de kledingstijl van studentes. Lekker gechargeerd, dat weet ik. Niet iedere studente kleedt zich hetzelfde. Joe!

Op social media worden er wel eens zogeheten ‘starterpackcollages’ gedeeld. Het is een kleine collage van attributen die een specifiek type persoon samenvat. Het suggereert dat je enkel die attributen nodig hebt om een dergelijk type te worden. Bijvoorbeeld de ‘starterpack voor een Bali-girl’. Alles wat je nodig hebt is: een schelpjesenkelbandje, sandaalslippers, een sarong en een vogeltjestattoo. In tegenstelling tot de naam van mijn column vind ik dit absoluut vermaak. Het is zo gevat en scherp. We beweren een bepaalde mate van complexiteit nodig te hebben, of dat het intellectualiteit vereist om een ‘Baligirl’ te zijn. Maar een simpele ‘starterpack’ snoert ons de mond. Het versimpeld ons, zet ons met beide benen op de grond en laat ons grinniken om onszelf. Ik spreek over ‘ons’ en ‘we’ omdat ik precies zo ben of kan zijn. Reken maar dat ik met een schelpjesenkelbandje heb rondgelopen op Bali. Zolang ik maar weet dat ik, of wie dan ook geen complexiteit of intellectualiteit nodig heeft om de ‘Baligirl’ attributen te verzamelen en te dragen. 

Enfin. Tot zover de uiteenzetting van een ‘starterpackcollage’. Ik wil graag zeuren over de starterpack van (sommige) studentes. Afgelopen zomer was ik met mijn vriend op vakantie in Slovenië. Na een paar dagen in de bergen vertrokken we naar de hoofdstad. Ljubljana staat bekend als een levendige studentenstad. De rivier die door de stad heen kruist doet denken aan de grachten zoals wij die kennen. Inclusief de gezellige terrasjes en de talloze biercafés kan ik me voorstellen waarom de stad zo geliefd is. De kleinschalige stad geeft een knus, ons-kent-ons gevoel. Heel Nederlands! 

“Waarom kleden die studentes zich alsof ze in de jaren ’60 leven?”. Het was mijn vriend die met deze vraag kwam. Ik lachte maar verdedigde de meiden direct, hoewel ik eigenlijk vond dat hij wel een punt had. Begrijp me niet verkeerd, want een ouderwetse, retro kledingstijl kan ik enorm waarderen. Het kan chique zijn of wat jongensachtiger. Ik houd ervan. Maar sommige studentes weten van gekkigheid niet meer wanneer het genoeg is. Haren zijn niet meer spontaan rommelig opgestoken, maar het wordt met haarlak geregeld. Jampotglazen zijn weer hot en bleek is het nieuwe zomerkleurtje. Op sommige kledingstukken lijkt het stof er expres opgespoten. De combinatie van al deze ‘attributen’ maal vijftien meiden was het wat intens. 

Apart van elkaar vind ik de attributen leuke details, maar alles bij elkaar wordt het mij te veel. Ik vind spontaniteit en diversiteit te leuk om me te beperken tot één starterpack. Maar zoals altijd: ieder vooral zijn eigen ding. De column heet niet voor niets ‘Gezeur van Fleur’. 

Liefs, Fleur

Logischerwijs liepen we de ene na de andere Nederlander tegen het lijf. Nu kan het nog zo prettig zijn om een Nederlandse sfeer te voelen, maar op vakantie wil ik ongegeneerd kunnen praten zonder dat iedereen me kan verstaan. (Over gezeur gesproken..) In een ontbijttentje belandden mijn vriend en ik in een heuse ‘get together’ van Nederlandse studentes. We zaten er letterlijk middenin. We probeerden ons niet bekend te maken als mede-Nederlanders. We aten in stilte verder toen een van de studentes zich in Engels excuseerde voor de drukte om ons heen. We openbaarden onze Nederlandse identiteit en zeiden uiteraard dat het geen probleem was. De drukte ging voorbij en mijn vriend en ik gingen het centrum in. 

GEZEUR VAN FLEUR

Deze editie vertel ik over het gezeur van Fleurs vriendje. Tenminste, hij noemde het en ik vond het grappig. Ik wil het graag hebben over de kledingstijl van studentes. Lekker gechargeerd, dat weet ik. Niet iedere studente kleedt zich hetzelfde. Joe!

Op social media worden er wel eens zogeheten ‘starterpackcollages’ gedeeld. Het is een kleine collage van attributen die een specifiek type persoon samenvat. Het suggereert dat je enkel die attributen nodig hebt om een dergelijk type te worden. Bijvoorbeeld de ‘starterpack voor een Bali-girl’. Alles wat je nodig hebt is: een schelpjesenkelbandje, sandaalslippers, een sarong en een vogeltjestattoo. In tegenstelling tot de naam van mijn column vind ik dit absoluut vermaak. Het is zo gevat en scherp. We beweren een bepaalde mate van complexiteit nodig te hebben, of dat het intellectualiteit vereist om een ‘Baligirl’ te zijn. Maar een simpele ‘starterpack’ snoert ons de mond. Het versimpeld ons, zet ons met beide benen op de grond en laat ons grinniken om onszelf. Ik spreek over ‘ons’ en ‘we’ omdat ik precies zo ben of kan zijn. Reken maar dat ik met een schelpjesenkelbandje heb rondgelopen op Bali. Zolang ik maar weet dat ik, of wie dan ook geen complexiteit of intellectualiteit nodig heeft om de ‘Baligirl’ attributen te verzamelen en te dragen. 

Enfin. Tot zover de uiteenzetting van een ‘starterpackcollage’. Ik wil graag zeuren over de starterpack van (sommige) studentes. Afgelopen zomer was ik met mijn vriend op vakantie in Slovenië. Na een paar dagen in de bergen vertrokken we naar de hoofdstad. Ljubljana staat bekend als een levendige studentenstad. De rivier die door de stad heen kruist doet denken aan de grachten zoals wij die kennen. Inclusief de gezellige terrasjes en de talloze biercafés kan ik me voorstellen waarom de stad zo geliefd is. De kleinschalige stad geeft een knus, ons-kent-ons gevoel. Heel Nederlands! 

Logischerwijs liepen we de ene na de andere Nederlander tegen het lijf. Nu kan het nog zo prettig zijn om een Nederlandse sfeer te voelen, maar op vakantie wil ik ongegeneerd kunnen praten zonder dat iedereen me kan verstaan. (Over gezeur gesproken..) In een ontbijttentje belandden mijn vriend en ik in een heuse ‘get together’ van Nederlandse studentes. We zaten er letterlijk middenin. We probeerden ons niet bekend te maken als mede-Nederlanders. We aten in stilte verder toen een van de studentes zich in Engels excuseerde voor de drukte om ons heen. We openbaarden onze Nederlandse identiteit en zeiden uiteraard dat het geen probleem was. De drukte ging voorbij en mijn vriend en ik gingen het centrum in. 

“Waarom kleden die studentes zich alsof ze in de jaren ’60 leven?”. Het was mijn vriend die met deze vraag kwam. Ik lachte maar verdedigde de meiden direct, hoewel ik eigenlijk vond dat hij wel een punt had. Begrijp me niet verkeerd, want een ouderwetse, retro kledingstijl kan ik enorm waarderen. Het kan chique zijn of wat jongensachtiger. Ik houd ervan. Maar sommige studentes weten van gekkigheid niet meer wanneer het genoeg is. Haren zijn niet meer spontaan rommelig opgestoken, maar het wordt met haarlak geregeld. Jampotglazen zijn weer hot en bleek is het nieuwe zomerkleurtje. Op sommige kledingstukken lijkt het stof er expres opgespoten. De combinatie van al deze ‘attributen’ maal vijftien meiden was het wat intens. 

Apart van elkaar vind ik de attributen leuke details, maar alles bij elkaar wordt het mij te veel. Ik vind spontaniteit en diversiteit te leuk om me te beperken tot één starterpack. Maar zoals altijd: ieder vooral zijn eigen ding. De column heet niet voor niets ‘Gezeur van Fleur’. 

Liefs, Fleur